Negatief zelfbeeld

hoe het ontstaat en hoe je hardnekkige patronen kunt veranderen

Een negatief zelfbeeld is meer dan af en toe onzeker zijn. Het kan voelen alsof er een vaste conclusie over jezelf bestaat: ik ben niet goed genoeg, anderen zijn beter of als ik een fout maak, val ik door de mand.

Wanneer zulke overtuigingen sterk en hardnekkig zijn, kunnen ze invloed hebben op relaties, werk, grenzen stellen en de keuzes die je maakt.

Hoe ontstaat een negatief zelfbeeld?

Een zelfbeeld ontwikkelt zich over langere tijd. Ervaringen in je jeugd, relaties, school of werk kunnen meespelen, maar er is zelden één simpele oorzaak.

Waarom voelt een overtuiging als een feit?

Wanneer een overtuiging vaak is herhaald, gaat je aandacht gemakkelijker naar informatie die erbij past. Daardoor kan een negatieve overtuiging steeds geloofwaardiger voelen.

Gedrag kan het zelfbeeld in stand houden

Een laag zelfbeeld kan leiden tot vermijden, perfectionisme, jezelf voortdurend vergelijken of moeite hebben om nee te zeggen. Op korte termijn kan dat spanning verminderen; op langere termijn kan het nieuwe ervaringen juist blokkeren.

Zelfkritiek is niet hetzelfde als realisme

In therapie wordt niet simpelweg geoefend met positief denken. Het gaat eerder om een realistischer en flexibeler beeld van jezelf, waarin sterke en kwetsbare kanten naast elkaar mogen bestaan.

Hoe kun je een negatief zelfbeeld veranderen?

Afhankelijk van de hulpvraag kan behandeling zich richten op automatische gedachten, vermijding, perfectionisme, oude patronen of de manier waarop je in relaties met jezelf en anderen omgaat.

Lees meer over zelfbeeld en hardnekkige patronen en over schematherapie.

Bronnen: Voor algemene patiënteninformatie over laag zelfbeeld en psychologische behandeling is onder meer gebruikgemaakt van informatie van de NHS.